09 JUL (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 1 hebben de test van 09-07-2026 zo ingevuld:
De koe ........ in de wei.
graast graasdt graasd
Het woord 'graast' hoort bij de hoofdpersoon van de zin (de koe). Het werkwoord 'grazen' wordt vervoegd zoals 'ik til, hij tilt'. De ik-vorm is 'graas', dus graas + t = graast.
Zie ook de pagina tegenwoordige tijd.
Wie heeft er van de slagroom ........ ?
gesnoept gesnoep gesnoepdt gesnoepd
Het woord 'gesnoept' is het voltooid deelwoord van 'snoepen'. Omdat de p een medeklinker in 't kofschip is, eindigt het woord op een t.
Zie ook de pagina voltooid deelwoord.
Vroeger leefden er veel meer ........ in het wild.
herten hertten
Bij veel zelfstandige naamwoorden maak je het meervoud door er 'en' achter te zetten: hert + en = herten.
Zie ook de pagina grenzen, kansen.
Op het ........ gebeuren soms lelijke ongelukken.
voebbalveld voetbalveld voebalveld
Het woord 'voetbalveld' wordt weleens fout geschreven, omdat niet elke letter wordt uitgesproken.
Zie ook de pagina tandpasta, zakdoek.