Ik stond ........ en keek ........ .
'Er' + voorzetsel schrijf je aan elkaar vast, tenzij het voorzetsel onderdeel van het werkwoord is.
'Ik stond erbij en keek ernaar' is de slotzin van het kinderliedje ''k Zag twee beren broodjes smeren'. Het rijm rammelt hier, want deze zin rijmt niet goed op 'hi-hi-hi, ha-ha-ha'. Hier zou 'erna' beter rijmen, maar 'na' betekent voorbij, later dan.
Zie ook de pagina
erin, daarvan.