14 MEI (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 2 hebben de test van 14-05-2026 zo ingevuld:
De verliezer slikte eens en ........ diep om zijn tranen te bedwingen.
zuchte zugtte zugte zuchtte
Het woord 'zuchtte' is verleden tijd. De ik-vorm eindigt al op een t. Daar komt in de verleden tijd 'te' bij. Daarom zie je tt in het woord.
Zie ook de pagina verleden tijd.
De kosten worden volgende maand ........ .
gefaktureert gefactureerd gefaktureerd gefactureert
Het woord 'gefactureerd' is voltooid deelwoord van 'factureren'. Omdat de r geen medeklinker in 't kofschip is, eindigt het voltooid deelwoord op een d. De woorden 'factuur' en 'factureren' schrijf je met een c.
Zie ook de pagina voltooid deelwoord.
Het kind van mijn bovenburen huilt harder dan ........ van hier beneden. (De benedenburen hebben ook één kind.)
dat die
Het juiste antwoord is 'dat', want je verwijst naar een het-woord (het kind).
Zie ook de pagina wat, dat, wie, die.
De concertzaal is in ........ opzicht goed gebouwd.
acoustisch akoustisch akoestisch
Het woord 'akoestisch' schrijf je met 'koe'. 'Akoestiek' (geluidsleer of de wijze waarop het geluid zich gedraagt in een ruimte) komt van het Griekse 'akoustikos' (het horen betreffend). In het Nederlands is de ou een oe geworden.
Zie ook de pagina alcohol en karamel.