18 MEI (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 2 hebben de test van 18-05-2026 zo ingevuld:
Ik ben benieuwd of het wat ........ .
oplevert opleverd
Het werkwoord is 'opleveren'. De ik-vorm is 'oplever'. Hier hoort het woord bij 'het'. Daarom ik-vorm + t = oplevert.
Zie ook de pagina tegenwoordige tijd.
Er moet geschilderd worden, want de kozijnen zitten vol ........ verf.
afgebladerde afgebladderde
Als oude verf in schilfers loskomt van de ondergrond, heet dat 'afbladderen'. De verf is dan 'afgebladderd'.
Daar op die vuilnisbak ligt ........ jas.
Rudolfs Rudolf's
De bezits-s aan het eind van 'Rudolfs' wordt aan de naam vast geschreven.
Volgens de Spellingwijzer Onze Taal (2015) mag het ook met een apostrof, maar dat is niet volgens de officiële spellingregel.
Zie ook de pagina Henks, Anja's, Kees'.
Aan de overkant lopen ook mensen. Jullie lopen net zo snel ........ .
als zij als hen dan hen als hun
Het juiste antwoord is 'als zij'. Dat zie je als je de zin aanvult met woorden uit het eerste deel van dezelfde zin: jullie lopen net zo snel als zij (lopen).
Zie ook de pagina ik, mij, hij, hem.