De boer had ........ (de zwaar giftige arsenicumverbinding) gestrooid, maar de ratten ........ het niet en bleven zich vermenigvuldigen.
Rattenkruit (met een t) is gif tegen ratten.
Rattenkruid (met een d) is een plant (kruisbladige wolfsmelk).
De zin staat in de verleden tijd (zie 'had' en 'bleven'). De verleden tijd van 'lusten' is 'lustten'.
Zie ook de pagina onmiddellijk.